Kunnen mensen zonder verblijfsvergunning zich in het hoger onderwijs inschrijven?

Door Paul Cordy op 13 december 2016, over deze onderwerpen: Onderwijs

Bij inschrijvingen worden instellingen voor hoger onderwijs soms geconfronteerd met mensen zonder geldige verblijfsvergunning, als ze al niet een uitwijzingsbevel hebben gekregen. Voor wat betreft het volwassenenonderwijs heeft de Vlaamse Regering in 2011 bepaald dat een wettig verblijf een voorwaarde is om zich te kunnen inschrijven. De Vlaamse onderwijswetgeving voor het hoger onderwijs heeft hiervoor evenwel in niets voorzien. Hierdoor ontstaat voor de instelling en voor de betrokkenen een zeer onduidelijke en onzekere situatie waarbij instellingen tegen elkaar kunnen worden uitgespeeld in verband met de inschrijving van mensen zonder verblijfsvergunning. Bij dergelijke personen is het bovendien zeer moeilijk om op een correcte manier de identiteit te kunnen controleren waardoor de kans op documentfraude inzake diploma’s en dergelijke toeneemt.

Ik vroeg dan ook aan minister Crevits waar juist de bevoegdheid van de instelling ligt om een dergelijke inschrijving al dan niet te weigeren en of het niet aangewezen is om voor het hoger onderwijs een duidelijke regelgeving uit te werken zoals die voor het volwassenenonderwijs reeds bestaat.

We mochten van de minister volgend antwoord ontvangen. “Deze problematiek moet geduid worden binnen het grondwettelijk recht op onderwijs (GW Art. 24). Dit houdt onder andere in dat enkel bij wet of decreet de toegang tot het onderwijs kan worden beperkt. Voor het leerplichtonderwijs is de situatie voor de scholen helder: er geldt een absoluut recht van ieder kind op onderwijs, ook voor kinderen zonder wettig verblijfstatuut. Maar in het hoger onderwijs en het volwassenenonderwijs is er geen leerplicht. Voor niet-leerplichtigen zijn er ook geen internationale verdragen die een absoluut recht op onderwijs garanderen. Zowel de Grondwet als de internationale verdragen laten toe dat de toegang tot het onderwijs na afloop van de leerplicht afhankelijk wordt gemaakt van voorwaarden. Die voorwaarden moeten dan wel bij wet of decreet worden vastgesteld en het gelijkheidsbeginsel eerbiedigen. Voor het volwassenenonderwijs is er sinds 1 september 2011 een decretale regeling op grond waarvan het wettig verblijf als een voorwaarde voor inschrijving is ingevoegd. In het hoger onderwijs stelt de decreetgever in dit verband geen voorwaarden. Voor het hoger onderwijs is het wettig verblijf dus geen decretale toelatingsvoorwaarde. De instelling kan zich daarop dus ook niet beroepen om een student te weigeren, want gelet op de grondwettelijke vrijheid van onderwijs kan dat enkel op basis van de algemene en afwijkende toelatingsvoorwaarden zoals beschreven in de Codex Hoger Onderwijs. Een eigen instellingsreglement volstaat dus niet als weigeringsgrond. Om tot een analoge situatie te komen als voor het volwassenenonderwijs, zou dus een decreetswijziging nodig zijn.

Daarnaast is er natuurlijk de federale wetgeving die de asielprocedure en het verblijfsrecht regelt en mogelijk maakt dat personen die niet beschikken over de noodzakelijke verblijfsvergunning van het grondgebied worden verwijderd. Als het gaat om personen zonder wettige verblijfsvergunning die ouder zijn dan 18 jaar en dus niet langer onder de leerplicht vallen, hebben onderwijsinstellingen op grond van federale regelgeving de plicht om dit te melden. Omgekeerd kan op grond van de federale wetgeving ook een verblijfsvergunning worden gegeven voor studenten. Dit betreft dan de regeling voor studenten die specifiek een verblijfsvergunning vragen om hier te studeren.

In alle gesprekken die ik tot op vandaag met de universiteiten en hogescholen heb gehad, is deze problematiek mij nog nooit aangekaart. Ik ben zeker bereid om met hen te bekijken of het aangewezen is om decretale bepalingen te maken zoals dat bij het volwassenenonderwijs is gebeurd. In principe zou de situatie in alle omstandigheden duidelijk moeten zijn op basis van het federale beleid: ofwel mag men in België verblijven en kan men hier studeren, ofwel mag men niet in België verblijven, en is ook studeren niet mogelijk. Het feit dat je om hier te studeren ook een specifieke verblijfsvergunning kunt aanvragen, illustreert dit en komt tegemoet aan de ambitie om ons hoger onderwijs ook internationaal open te stellen.”

Ik repliceerde hier als volgt op: “Dit is een probleem dat vooral de laatste tijd opduikt. Instellingen hebben niet altijd een duidelijk zicht op wat de motivering is: is dat effectief om te studeren of is dat om een opstapje te hebben om een verblijfsvergunning te kunnen krijgen? Want ook dat speelt vaak mee. Dat is iets wat onderwijsinstellingen liever niet hebben. Men heeft het liefst dat men inschrijft om effectief de studie te volgen. Dat is de ordentelijke manier van werken. Ik denk toch dat er nood aan duidelijkheid is. Met dit antwoord hebben we er al een wat klaardere kijk op. Toch zou het nuttig zijn om de regel die er al is in het volwassenenonderwijs, door te trekken. Het gaat toch telkens om volwassenen die studeren, zodat die een gelijke behandeling kunnen hebben. Het gaat natuurlijk niet op dat mensen die in het volwassenenonderwijs regeling x hebben en decretaal niet kunnen studeren, dat wel zouden kunnen in het hoger onderwijs. Daar moeten we de lat gelijk leggen, en daarvoor dringt zich een regeling op.”

De volledige tekst van deze Vraag om Uitleg en van het antwoord van minister Crevits vindt u op https://www.vlaamsparlement.be/commissies/commissievergaderingen/1090177....

Hoe waardevol vond je dit artikel?

Geef hier je persoonlijke score in
De gemiddelde score is